Pagina's

23.7.12

Laureaat Loflijkste Lofdicht



17.7.12

Boon-Aparté: "Mijn voorstad groeit"

op de Gentse Feesten
17, 19 en 21 juli


Vanavond première van "Boon-Aparté" in de Parnassus, met Patrick Bernauw, Freek Neirynck, Yannick Van der Speeten, Marc Borms, Veerle Luts, Marie-José Ntibanoboka en Koen Mertens. Wie over een ticket voor "Boon-Aparté" beschikt, kan ook de daarop aansluitende voorstelling van "De Bende van de Boonaparten" meemaken. Speciale gasten op 19 juli: Geertrui Daem, Freek Neirynck en Erik Vlaminck.

"Mijn voorstad groeit": cartoon & quote van Marc Borms / www.embee.be



14.7.12

Paul Marius Borggreve: Lofdicht op de IJzeren Keizer

Het standbeeld van Rusty Scrapheap, 
het schroothondje van den Yzeren Keizer
voor het Belfortelijk Paleis van KathedrAalst
 

L aat het toch een wrede god zijn geweest
O p die schitterende dag dat u ontwaakte
F lauw van kracht, maar een ijle geest
D ie de wereld zo onvolkomen maakte
I n welke gij, keizer, vertoeven moet.
C hristus zelf mocht het niet slechter treffen.
H oe overgenadig is dan dat uw voet
T reden wil, elke heuvelgrond wordt effen.

O ngeloof heerst onder uw onderdanen,
P aleizen staan nu in elke straat,

D e armste sloeber moet zich koning wanen
E nkel door uw hemelse overdaad.

IJ s niet meer koud, geen winter te lijden,
Z omer is niet voorbijgegaan. Uw hand
E rkent slechts uw wil. De gulzige tijden,
R oest en mot zijn verbannen uit uw land.
E lk woord is te weinig voor uw macht.
N ochtans wilt gij zelfs die smalend honen

K oesteren, steeds op hun welzijn bedacht
E n hen met milde martelstraf belonen.
I k ben zo vermetel, nu een kathedraal
Z al verrijzen, u dit lofdicht toe te zingen,
E ren die nederigst van allemaal
R egeert en slechts zo weinig hoeft te dwingen!



Paul Marius Borggreve


De Bende van de Boonaparten,
Gentse Feesten, Première 15 juli!

13.7.12

Hervé Deleu: De Yzeren Keizer trekt ten strijde (Lofdicht)





Gij zijt naakt vrouwe
zo midden op de dag
verklaar mij gauw
waarom dat wezen mag !

Wees niet vergramd o heer
mijn hoop was fel
voor je vertrok
op enig minnespel.

Geen tijd vrouwe
de vijand wacht
waar is mijn zwaard
dat ik vergeten placht ?

Hier is het heer
saam met mijn eer
ik sterf
tot aan uw wederkeer.

Hij vertrok
maakte de deuren vast.
Zij liet gezwind
2 naakte ridders uit de kast.




Hervé Deleu
  Geselecteerd Lofdichter
 
tijdens de Gentse Feesten... en wel op 15 juli, 20 uur,
in de Parnassus!

Greet De Wolf: Lofdichten Stenen Droom / Stenen Huis




STENEN DROOM 

Voor dag en dauw
verlaat ik mijn houten hut,
mijn spinnewielvrouw
en het klein grut,
dat heel de nacht van honger bleit,
in uitgedroogde borsten bijt.

Met hamer en beitel als bestek
vreet ik kalksteen als een gek.
Ik ben een steenhouwer,
een dromenbouwer.
Ik droom van een stenen huis
maar bouw een stenen schip,
waarmee de keizer naar de hemel vaart,
God in zijn grootheid evenaart.

Ik bouw voor de keizer.
De keizer bouwt voor God.
Ik giet gotiek door mijn strot
de klok rond met de wijzer.


STENEN HUIS

De knecht neemt een hap uit de mortelpap.
De bouwmeester laat de katrollen rollen.
De sjouwer draagt stenen met loden benen.
De metser stapelt blokken tot in de nokken.
De beeldhouwer kapt wijze en dwaze lijven.
De timmerman snijdt een schrijn voor heiligenpijn.
De smid giet uit ijzer een kruis en een keizer.

Wij bouwen voor de keizer.
De keizer bouwt voor God.
Ambachtsman zijn is ons lot.
Wie valt er van de steiger?

De troubadour looft in een hoofs gedicht
de kathedraal vol lucht en licht,
de anderhalvemeterman,
middeleeuwer van vijftig kilogram.
De paus doopt de kathedraal tot Dom
en de keizer tot het godendom.

De troubadour kraait oproer:

Wij smeden een keizer,
maar ook een complot.
Smelt de vorst tot op het bot!
Geef ieder een stukje huis van God:
een stenen huis
met boven de deur een hoefijzer.


                                                        Greet De Wolf



U kunt nog een Lofdicht inzenden voor de BoonAparte Wedstrijd 
tot en met Vrijdag de Dertiende (juli), 24 uur!

tijdens de Gentse Feesten... en wel op 15 juli, 20 uur,
in de Parnassus!

 

12.7.12

De Ballade van het Glazen Straatje

BoonApartival: 
De Bende van de Boonaparten
Gentse Feesten 14 tot 22 juli



BALLADE VAN HET GLAZEN STRAATJE

Ik loop door het Glazen Straatje,
o en aai me, Nieke Naaime...
O en aai me, Nieke Naaime,
en ik stop voor uw vitrine!
Doe open, Nieke Naaime
en laat mij erin!

En ik sta voor uw vitrine...
O en aai me, Nieke Naaime,
O en aai me Nieke Naaime...
'k Heb een fluit tot aan mijn kin!
Doe open, Nieke Naaime
en laat mij erin!

Waarom doet ge nu niet open?,
Toch geen kindjes gaan kopen?
Waarom zijt ge weggelopen?
Leeg staat uw vitrine!
En ik kom er niet in,
ik moet kloppen op mijn kin!

O en 'k draai me, Nieke Naaime,
o en paai me, Nieke Naaime,
o en 'k draai me, Nieke Naaime,
en ik paai me... met uw vriendin!
Nikke Speed, die Dulle Griet,
ja zij laat mij erin!


(tekst & voordracht: Jan De Lichte)

2.7.12

Gij komt toch ook naar de Parnassus?




GIJ KOMT TOCH OOK NAAR DE PARNASSUS?

Gij komt toch ook naar de Parnassus,
naar de Gentse Feesten met Louis Paul Boon,
om daar te zingen met Sint-Franciscus (*)
en het hele Boonaparte koor?

Zij komen ook naar de Parnassus:
McRosby Mé Jong en Zjwoing de Kulas,
Nieke Naaime op de schoot van Franciscus,
Koen d’Oetleye en Visuele Hash.

't Is een collectief interactief gebeuren, met open ramen en deuren,
redelijk humoristisch
literair creatief akkoord, door Dylan niet verhoord,
teder anarchistisch.

Zij komen al naar de Parnassus:
Jan De Lichte, Kittenbillie, Nikke Speed,
die Dulle Griet bij Sint-Franciscus,
alleen den Yzeren, die komt niet.

Allemaal komen zij naar de Parnassus,
Alleen den Yzeren, die komt niet…



Scott McKenzie komt ook niet naar de Parnassus.
Zoals uit bovenstaande video blijkt, is hij met al die bloemen in zijn haar
verloren gelopen in Antwerpen,
dat hij verkeerdelijk voor San Francisco houdt...
en in Antwerpen zijn het nu eenmaal geen Gentse Feesten,
dat is algemeen bekend.

Komt daarbij dat de Bende van de Boonaparten 
terugkeert naar het jaar 1969,
en niet naar 1967.


Ook Bruce Springsteen kon niet komen,
omdat er al teveel volk verwacht wordt in Gent.

Spijtig.
We take care of our own was in maart 2012
immers nog het officiële strijdlied van de Bende van de Boonaparten.

(*) De Parnassus zal door de Bende van de Boonaparten
omgetoverd worden tot een "Hof van Mirakelen".
In vroeger tijden was het een kerk, 
gewijd aan Sint-Franciscus.


1.7.12

De Ballade van de Dulle Griet




Uit De Bende van de Boonaparten:

Een klein dorpje in Lagelande... De Yzeren Keizer wil daar de grootste kathedraal ter wereld bouwen; zo is het dorpje ook aan zijn naam gekomen: Kathedraalst. Volkszanger Lodewijk Boonaparte heeft zich in zijn protestliederen altijd verzet tegen de megalomanie van de Yzeren Keizer, maar nu hij op honderdjarige leeftijd is overleden, wil die hem net hier bijzetten in een praalgraf. Door het symbool van verzet tegen zijn bewind te recupereren, hoopt de Yzeren Keizer alsnog de ontluikende revolutie tegen zijn Schrikbewind te bezweren...

Een verre achterachterneef, Pé Boonaparte, organiseert het verzet en strijkt tijdens het grote jaarlijkse volksfeest neer in Ganda (ook bekend van de HAM), waar hij een bescheiden kerkje ontwijdt tot een heus Hof van Mirakelen. Samen met zijn Bende van de Boonaparten wil hij hun held op een passend artistieke en cultureel tamelijk correcte wijze ten grave dragen, en zo het eeuwige leven geven...

En natuurlijk leven ze zich ook uit in allerlei "Spotliederen op de Yzeren Keizer", waarvan deze er één is:

DE BALLADE VAN DE DULLE GRIET
(AAN DE OEVERS VAN DE LEIE)


Aan de oevers van de Leie,
diep verscholen in het riet,
had Zijne Majesteit de Keizer
Zijn allereerste Miet 'n'Griet.

Aan de oevers van de Leie
lag 'n Dulle Griet - ah Nikke Speed! -
met Zijne Majesteit te vrijen,
maar denderend vond zij Hem niet.

"O, gij!... Mijn Yzeren Keizer!"
sprak zij toen, die Dulle Griet.
"Gij zijt bijna helegans van ijzer,
alleen Uw onderdaan zo niet!"

Van top tot teen was Hij van ijzer,
maar Hij had geen lid van graniet,
want Zijne Majesteit de Keizer
viel op Boonaparte Piet.

Aan de oevers van de Leie
ligt zij nu nog, die Dulle Griet,
ja aan de oevers van de Leie
ligt een kanon... dat niet schiet.

(Pé Boonaparte)